Sourcing bepaalt 80% van de marge: een goed ingekocht artikel is al half verkocht. Hier zijn de belangrijkste kanalen om een tweedehandsvoorraad op te bouwen, met hun echte kosten en valkuilen.
1. Balen en kilopartijen
Tweedehandsgroothandels verkopen balen gesorteerd per categorie (vintage, sport, kinderen…) van 20 tot 100 kg. Voordeel: de laagste stukskost op de markt. Nadeel: de sortering doet de groothandel, niet jij — reken op 10 tot 30% onverkoopbaar afhankelijk van de kwaliteit van de leverancier.
2. Partijen en einde-reeks
Onverkochte winkelvoorraad, e-commerce-retouren, einde collectie: nieuwe partijen met label voor 10-30% van de winkelprijs. De marge per stuk is lager dan bij tweedehands, maar de rotatie is snel en de foto's makkelijk. Een goed kanaal om de cashflow tussen twee balen glad te strijken.
3. Verkoop in consignatie voor particulieren
Je verkoopt de kleding van anderen tegen een commissie (vaak 30 tot 50%). Geen vastzittend kapitaal, geen voorraadrisico — maar echte opvolgingslogistiek: elk artikel heeft een eigenaar, een commissie en een uitbetaling om bij te houden. Zonder passende tool is dit het kanaal met de meeste boekhoudfouten.
4. Lokale bronnen: rommelmarkten, kringloopwinkels, veilingen
Goedkope pareltjes bestaan nog steeds bij het fysieke jagen: zondagse rommelmarkten, kringloopcentra, textielveilingen. Lage aankoopkost maar veel tijd — reken die mee in je rendabiliteit, want een ochtend snuffelen is een ochtend minder om te plaatsen.
5. Je mix kiezen
- Beginner: start met een kleine partij of een testbaal (max. 20 kg) om te leren zonder te veel cash vast te zetten.
- Groeiend: combineer balen (volume) + partijen (rotatie) + consignatie (zonder kapitaal).
- De scheidsrechter: de echte marge per herkomst. Volg de inkoopprijs van elk stuk en vergelijk wat elk kanaal echt opbrengt — cijfers beslissen beter dan intuïtie.
Fripilot doet het voor je
Verkopen synchroniseren, marges, boekhouding, facturen — automatisch. Probeer 30 dagen gratis.
Gratis starten →